15-02-08
Eindelijk thuis!!!!!
Een pracht van een verhaal vond ik deze week op de website van Bite Back...
het verhaal van 100 kippen die gered zijn uit een kippenkwekerij en die nu hun dagen slijten zoals het hoort te zijn.....
Als een mens, na het lezen van dit verhaal, nog vlees kan eten.......
Een link naar de film van deze kippen is hier te zien.
De 100 vogels, die nu naar de open lucht aan het staren waren voor de eerste keer in hun leven, waren allemaal industrie-afval, ‘opgebruikte’ hennen, gered van een ‘vrije uitloop’-eierbedrijf waar ze fysieke, sociale en psychologische ontberingen moesten lijden; allemaal vrouwtjes die geen eieren meer konden leggen aan het onnatuurlijk hoge productietempo dat ze gedwongen waren vol te houden van jongs af aan; allemaal waren ze naar de slachtbank gestuurd om vervangen te worden door een nieuwe generatie slachtoffers die in een mum van tijd zouden worden opgebruikt en dan massaal gedood, beroofd van hun bestaan, geen spoor van hun jonge leven meer over – geen veertje, geen lied, geen nageslacht, geen droom.
Niets in hun leven in gevangenschap had hen voorbereid op de vrijheid die ze nu kregen. Ze waren geboren in broedmachines, opgevoed door machines, geïsoleerd van hun moeder, familie en gemeenschap, die hen konden leren overleven. Ze hadden geen sociale vaardigheden geleerd waardoor ze zouden kunnen worden aanvaard in een vogelgemeenschap in de vrije natuur; ze kenden geen taal die kippen van een andere groep zouden begrijpen; door het systematisch misbruik in hun leven konden de meesten zichzelf niet eens voeden. En toch, ze waren nu eenmaal hier. En ze wilden blijven leven, in vrijheid.
In het begin waren ze zorgwekkend stil. Niemand gluurde, niemand bewoog. Ze staarden ons enkel aan. Sommigen staken hun nek uit en keken naar de zonverlichte wereld met stille, zoute ogen, knipperend, onaangepast aan het daglicht. Een open ruimte, of enig ander uitzicht dan de kaalheid van een schuur zonder ramen, hadden ze sinds hun geboorte niet meer gezien. Anderen zakten stilletjes ineen – hun schouders naar beneden, hun vleugels meesleurend, hun hoofd gebogen, te zwak en te moe om op te kijken. Enkele waren dood, hun koude lichamen lagen op hun nog warme eieren, hun veren bewogen dreigend in het briesje, hun ogen zo gesloten dat het leek alsof ze nooit hadden geleefd, alsof ze nooit open waren geweest, zo stevig gesloten dat het leek alsof ze de gruwelijkheden van de wereld eindelijk, veilig, onomkeerbaar wilden buiten houden.
De volgende ochtend nam ze haar eerste voorzichtige maar zelf gewilde stapjes, haar eerste verbijsterde stapjes in een leven dat eindelijk klaar was om te beginnen. Ze stapte rustig haar vrije leven tegemoet, op dezelfde manier als wij in ons veganistisch leven zijn gestapt: niet alsof we een nieuwe, vreemde wereld binnenwandelden, maar alsof we terugkeerden naar een vertrouwd leven. Alsof we eindelijk thuis waren.
Iedereen stond stil en zweeg tot Chris in de bestelwagen klom en hen een voor een voorzichtig in Michèles gevouwen handen legde. Toen, plots, schoot de hele groep in een blinde paniek. Ze renden naar de achterkant van de wagen, schreeuwend, krioelend, op elkaars rug klauterend. Ze probeerden als gekken te ontsnappen of zich te verstoppen, groepten samen op zoek naar een beetje troost – een extra millimeter bescherming, een extra milliseconde in leven. Ze waren de uitbuiting nog niet vergeten. Ze probeerden nog steeds zichzelf te beschermen, ze hoopten nog steeds op… op wat?

Hoe voorzichtig we hen ook benaderden, vasthielden, hen wiegden voor we hen op de grond legden, ze bleven maar schreeuwen uit angst voor hun leven. Dat was het enige geluid dat we van hen hoorden die dag en de volgende dagen: het geluid van angst, pijn, wanhoop – het tragische gevolg van een leven van foltering. Bij elke wedergeboorte, bij elke nieuwe vogel die werd opgetild uit haar miserabele verleden naar toekomst in vrijheid, voelden we enerzijds de duizeligheid van de levens die eindelijk werden bevrijd, en anderzijds het gewicht, de roep, de strijd, de steek in het hart van de levens die zijn achtergebleven, nog steeds bevend van angst, zich zachtjes verroerend met een onverwoestbare hoop.
Toen ze grond raakten, die bedekt was met stro, bleven de meesten gewoon staan, bewegingloos, minutenlang. Ze keken rond, verbijsterd, uitgeput, wiegend van de ene voet op de andere, alsof ze aan het oefenen waren om een stap te zetten – de allereerste stap in hun leven, de eerste verbaasde stappen van hun nieuwe leven dat op het punt stond te beginnen. Ze stapten enkele keren ter plaatse en strompelden dan naar een hoek van de schuur, om er bij het groepje te gaan staan dat zich ondertussen had gevormd. En daar bleven ze. Gedurende een lange tijd durfde niemand naar het midden van de open schuur te lopen. Ze bleven staan in de groep, stil en zwijgzaam, op enkele angstkreten na.
Het was pijnlijk om te zien. Ze wisten niet eens hoe ze het meest simpele en natuurlijke gedrag konden vertonen: hoe ze hun eigen lichaam konden bewonen, hoe ze hun leven konden leven. Ze werden allemaal gedreven door een specifieke vorm van alertheid, een soort alertheid die ik nog nooit in mijn leven had gezien. Ze waren zich erg bewust van alles rondom hen, ze reageerden op de minste beweging, het minste geruis, het zachtste geluid – het vallen van een blad kon de hele groep in paniek doen raken alsof hun eigen lichaam werd aangevallen. Maar tezelfdertijd leken ze te zijn afgesloten van alles, zelfs – en vooral – van zichzelf. Ze leefden hun triestige, toegetakelde, besmeurde levens met een soort zorgwekkende 'detachment', een bedroevende berusting. De meeste van hen deden niet eens een poging om hun vervuilde veren glad te strijken, hun wonden te verzorgen, hun fragiele botten te beschermen, of hun uitgehongerde en uitgedorste lichamen te vullen. Iedereen sleurde het verwoestende landschap van hun verleden met zich mee in hun nieuw bestaan: de geamputeerde snavels, de kromme ruggen, de hangende schouders, de broze beenderen, de vederloze delen van hun huid bedekt met wonden en kale plekken, de verslagen blik, de onzekere looppas.
In het verminkte gezicht van elke vogel kon je de overblijfselen zien van hun strijd om te ontsnappen aan het hete mes dat hun snavel had afgebrand in een wolk van zure rook: hun bek was met de wortel afgesneden, of gebroken aan een kant, of hun kaak had een versplinterde en uitpuilende vorm, of er zat een gezwel aan het einde van hun bek – een vreemde, mislukte poging tot zelfheling, of een tumor had zich ontwikkeld ten gevolge van het trauma en blokkeerde nu de neusgaten. Je kon zien in welke richting elke vogel wanhopig had geprobeerd het hete mes te ontwijken – naar beneden, naar boven, of zijdelings – je kon zien hoe hevig ze had gewroet en hoe wijd de schreeuw haar mond had geopend terwijl het mes sneed door haar bot, kraakbeen en zacht weefsel: de snavel is recht afgebroken of met een hoek, de top is rond of plat, of de lage kaak is gesplitst en versplinterd, het bovenste deel ontbreekt helemaal, of de topjes zijn gesmolten in een ronde opening, bevroren in een permanente uiting van verbijstering – een groteske gelijkenis met lippen die een kus geven.
Maar wat je ook kan zien, met oneindige dankbaarheid en droefheid, is het innerlijke licht van het leven van elke vogel, hun gouden schoonheid, hun intens verlangen om in leven te blijven.
Die dag, en de weken erna, bleven de meeste samentroepen, zoekend naar een beetje warmte en troost onder elkaars kapotte vleugels. Ze weigerden de schuur te verlaten, bleven veilig in de verste hoek staan en staarden vanuit de schuur naar de grote wereld daarbuiten. Anderen concentreerden zich enkel op het stukje wereld recht voor hen en pikten neurotisch, uren aan een stuk, naar onzichtbare doelen.
Sommigen probeerden zichzelf onzichtbaar te maken, zichzelf wringend in het dichtstbijzijnde kleinste hoekje, zelfs als het nauwelijks groot genoeg was om hun gezicht te verbergen. Je kon zien hoe ze probeerden te verdwijnen in die absurde hoekjes, waar hun lichamen en hun staarten nog uitstaken, hun gezicht verstopt, hun ogen bedekt, afgeschermd van de ondraaglijke, overweldigende, beangstigende uitzichten en geluiden van het leven. Ze stonden bevroren in hun piepkleine, belachelijke schuilplaatsen, hun hart racend, hun lichaam bibberend, terwijl ze niets liever wensten dan dat de terreur zou stoppen, een plaatsje vol troost en vrede.
Enkele moedige zielen waagden zich in het open midden van de schuur, blijkbaar zeker dat ze zo zouden vinden waarnaar ze al heel hun jonge leven naar hadden verlangd – wat dat ook kan zijn voor een persoon veroordeeld tot een desolate omgeving – voeding? kennis? een gevoel van mogelijkheden? Hun nieuwsgierigheid, hun behoefte om hun uitgebluste geest te voeden, was sterker dan hun voorzichtigheid.
En dan was er de jonge hen die nog niet van haar plaats was gegaan sinds we haar op de grond hadden gezet. Ze leunde nog steeds tegen de ladder, een vleugel gedrapeerd over de laagste trede, de andere op de grond, alsof ze zichzelf probeerde recht te houden, of haar evenwicht aan het zoeken was. Toen we haar stilletjes duwden, strompelde ze tot aan de dichtstbijzijnde kom met water en hield ze stilstand. Ze stond daar gewoon, haar gevouwen kam wijzend naar een bang, verdwaasd oog. De meeste van hen stonden zo toen ze pas op de grond waren gezet, niet wetend wat te doen, waar naar toe te gaan, onzeker over wat te doen met het feit dat ze ergens naar toe KONDEN gaan, een horizon die verder reikte dan de gevangenismuur die ze heel hun leven hadden gezien; een plaats die was vervuld met dingen die ze nog nooit hadden ontmoet – open lucht, zonlicht, vogelzang, de geuren van de aarde – en een grond die hun voeten ondersteunde: elke stap gaf zachtjes mee onder hun poten, niet zoals de vloer van ijzerdraad waarop ze hun hele leven hadden gestaan – een grond bedekt met stro!

Maar deze kleine hen bewoog niet. Ze stond urenlang als bevroren op dezelfde plaats, niet bij machte of onwillig om te eten of te drinken, ook al was er voedsel en water vlakbij.
Terwijl de anderen druk bezig waren te proeven van hun eerste momenten van verbijsterende vrijheid, ofwel door verdwaasd vooruit te strompelen, of door onhandig te zoeken naar een vaag iets, of door zich te verstoppen of door samen te troepen, stond zij daar maar alleen met haar vuile, bezoedelde veren, onder aan haar buik een korst van het vuil waarin ze al die tijd had moeten leven, het stompje van haar snavel nauwelijks lang genoeg om haar tong te bedekken, haar onderkaak versplinterd en zielig openhangend als een bedelende hand. Ze keek zelfs niet rond, alsof het haar te veel moeite zou kosten om iets te zien, om nog iets anders te moeten absorberen. Alsof ze niets anders verwachtte dan meer leed, meer pijn, meer misbruik, meer van de kilheid die ze had moeten doorstaan in de eierindustrie.
Uren later stond ze nog steeds op dezelfde plaats, onbewogen, verdoofd, afgesloten, nauwelijks nog in leven. Maar nu had ze een ei gelegd. Ze stond erboven alsof het iets compleet vreemds voor haar was, iets dat nooit een deel van haar lichaam was geweest. Daar stond ze, nauwelijks bij machte om haar eigen leven te dragen, maar nog steeds met eieren die haar belastten. Daar stond ze, omringd door een wereld die haar eindelijk, ongelooflijk, onwaarschijnlijk in leven wou houden, maar ze kon er niet echt deel van uitmaken. Ze stond nog steeds verdwaasd en alleen in het midden van de open schuur.
Ik weet niet wat ze voelde toen ze daar stond, verslagen op haar eerste dag in vrijheid, maar ik weet wel nog goed wat wij toen voelden: nog meer dan spijt voor haar verwonde leven, voelden we een stekende schaamte. Schaamte voor de verwoesting die wij – de morele dieren, de enige dieren die een keuze kunnen maken, de absolute top van het dierenrijk – dagelijks intentioneel en overbodig veroorzaken bij de zwakkeren, de onderdrukten, de onschuldigen in de wereld. Schaamte voor het feit dat we dit doen voor iets banaals als smaak, een smaak die nota bene gemakkelijk, stijlvol en overvloedig kan worden vervangen door pijnloze bronnen. Schaamte voor onze verderfelijke voedselvoorkeuren. Schaamte voor onze perverse menselijkheid. Schaamte voor onze schaamteloze corruptie.
De volgende ochtend nam ze haar eerste voorzichtige maar zelf gewilde stapjes, haar eerste verbijsterde stapjes in een leven dat eindelijk klaar was om te beginnen. Ze stapte rustig haar vrije leven tegemoet, op dezelfde manier als wij in ons veganistisch leven zijn gestapt: niet alsof we een nieuwe, vreemde wereld binnenwandelden, maar alsof we terugkeerden naar een vertrouwd leven. Alsof we eindelijk thuis waren.
20:45
Gepost door Lost
in Algemeen |
Permalink
| Commentaren (0)
| Email dit
| Tags: kippen, dierenuitbuiting, kippenslachterij, kippenkwekerij, onmenselijk |
Facebook
|
27-12-07
Merry Christmas!!!

In deze tijden van fun en cadeautjes.....denk aub ook eens aan de dieren die lijden. Ook voor hen is het kerstmis.
Cadeautjes hebben ze niet nodig, maar een klein beetje medeleven.
Bedankt.
07:19
Gepost door Lost
in Algemeen |
Permalink
| Commentaren (0)
| Email dit
|
Facebook
|
11-11-07
Foute veetransporteurs benoemen op het net in Nederland!
De partij hoopt dat deze vorm van 'naming and shaming' helpt om het aantal incidenten tijdens diertransporten te verminderen. Niets doen zorgt ervoor dat de goede vervoerders teveel lijden onder de kwaden, aldus de PvdA.
De Kamer sprak de afgelopen tijd regelmatig over misstanden tijdens veetransporten, onder meer nadat een Nederlandse transporteur in Duitsland met een lading varkens van de weg werd gehaald omdat er bloed uit de wagen sijpelde.
Minister Gerda Verburg wilde naar het buitenland vertrekkende veewagens aan de klep controleren. Een Kamermeerderheid onder leiding van CDA en PvdA voorkwam dat toen. Hoewel de Kamer de 100 procentcontroles aan de klep van de vertrekkende wagens tegenhield, controleren AID en dierenartsen van de Voedsel- en waren Autoriteit (VWA) sinds begin oktober wel extra op dierenwelzijn tijdens transporten.
De poging van Verburg om veewagens waarmee over lange afstand dieren worden vervoerd per 1 januari 2008 vervroegd te voorzien van een gps-signaal, mislukte. Ze liet onlangs weten dat het praktisch onmogelijk is de trucks voor 1 januari 2009 uit te rusten met het plaatsbepalingssysteem waarmee de route van de trucks is te volgen, te zien is wanneer de klep opengaat en of de temperatuur goed is voor de dieren. Die gegevens zouden moeten worden opgeslagen in een centrale databank. Voor 1 mei 2008 komt er duidelijkheid over zo'n nationale databank.
Het aantal veetransporten in Europa nam de afgelopen jaren sterk toe. Door de toetreding van Oost-Europese landen bij de EU gaan er veel goedkope runderen en andere dieren naar slachters in West-Europa.
08:48
Gepost door Lost
in Algemeen |
Permalink
| Commentaren (0)
| Email dit
| Tags: dierentransporten, veevervoer, varkens, dierenmishandeling |
Facebook
|
09-11-07
Het levensverhaal van Celeste, een gehandicapt varkentje
Het volgende verhaal dat komt van de site van Bite Back, is de reden dat ik vegetarier ben. Het levensverhaal van Celeste, een gehandicapt varkentje dat gered werd uit een varkensfokkerij. Een aangrijpend verhaal over liefde, hoop, mededogen, pijn, verdriet, doorzettingsvermogen en de band tussen mens en dier. Haar uiteindelijke dood is niet voor niets geweest: haar sterke wil tot leven zal niemand onberoerd laten. Zij toont ons dat, zodra de anonimiteit van de wreedheden die we dieren dagelijks aandoen wegvalt, er prachtige persoonlijkheden schuil gaan achter dieren die de meeste mensen enkel als voedsel zien.
Twee jaar geleden heeft Celeste voor de eerste keer gezongen. Het was op nieuwjaarsdag in 2005. We deden haar toen druiven cadeau, die ze enthousiast verorberde. Ze dronk de druiven bijna van de tros, met haar ogen dicht, haar hoofd naar achteren en haar mond open om de nectar op te vangen, smekend om meer. Ze hield van zulke traktaties, ze hield van gezelschap, ze hield van stimulansen, van nieuwe dingen en, zoals we die dag hebben ontdekt, ze hield van muziek.
Celeste was een kreupel varkentje: ze kon haar achterste poten niet gebruiken. Op goede dagen zat ze voorovergebogen, als een hond met een bult op haar rug. Op minder goede dagen bleef ze gewoon de hele dag liggen op haar zij, zonder op te staan. Celeste werd gered uit een varkensboerderij, de dag voordat ze geslacht zou worden. Ze kwam hier aan met een gebroken rug en liep nooit meer dan enkele stapjes tegelijk. Ze bewoog wel rond in haar eigen veilige wereld: haar stal, terwijl ze haar kreupele achterpoten voortsleepte. Ze hield zich voornamelijk bezig met het herordenen van de strobalen, de dekens, de voederbakken, en af en toe ook haar stalmaatje Ponza.

Heel zelden stond ze op en liep ze rond op haar vier poten, maar naarmate haar toestand verslechterde, beperkte ze haar activiteit tot het rechtop zitten om bezoekers te begroeten. Aan het einde van haar leven bracht ze de meeste tijd liggend op haar zijde door. Er zijn veel dagen geweest waarop we ons afvroegen: ‘Is het tijd?’ En elke keer was het antwoord: ‘Nee’. Niet ons antwoord. Het hare. Ze wilde niet dat we haar ‘uit haar lijden verlosten’. Het was geen leed voor haar, het was haar leven. En het was vol betekenis voor haar.

Wij probeerden de waarde van haar leven te meten op vlak van comfort. En zulke maatstaven zijn belangrijk. Maar haar maatstaven waren betekenis (de absolute zekerheid, door merg en been, dat iets belangrijk is), vreugde (niet geluk of plezier, maar de intense vreugde van het drinken van de dauw als bronwater, en het eten van de duisternis als avondeten) en liefde (niet liefde met vonken en vuur, maar een liefde die je meevoert als een rivier, die je optrekt, lichamelijk en geestelijk, voor het mysterie van een nieuwe dag, ondanks de pijn en de duisternis). Haar ogen waren altijd vol licht, haar geest was altijd aandachtig, bewust, alert, open voor de wereld, haar ziel was sterk tot haar laatste adem, haar wil om te leven, te leren en te groeien, gewoonweg onverwoestbaar.
De momenten van overwinning in haar leven die we hebben opgenomen en gevierd waren grote, dramatische, zichtbare momenten. Ze vertegenwoordigen onze visie van een waardevol leven, niet die van haar:
Celeste staat recht!
Celeste heeft enkele stapjes gezet!
Celeste is de volgende stal ingegaan zonder hulp!
Celeste bezoekt de hangbuikzwijnen (en jaagt hen de stuipen op het lijf)!
Celeste neemt een modderbad voor haar stal!
Celeste verlaat haar stal en gaat zonnebaden op de koer!
Celeste zingt!
Dit zijn heel belangrijke normen – gezondheid, comfort, geluk – maar, zoals Celeste ongetwijfeld aanvoelde in haar kreupele lijfje, dit zijn niet de redenen waarom het leven zo kostbaar is.

Zij zong in varkentaal, ik in mensentaal. We begrepen elkaar. Niet omdat we allebei sterk waren in het communiceren met andere diersoorten, niet omdat we elkaar zo goed kenden, maar omdat we dezelfde gevoelens deelden: de liefde, het verdriet en de hoop van te leven in een lichaam die een ziel bevat. Die dag met Celeste, op nieuwjaarsdag, was een onomkeerbaar nieuw begin. Het toonde toen, en het toont me nog steeds, waarom opnieuw beginnen – een nieuwe dag, een nieuwe week, een nieuw jaar, steeds weer de moeite waard is.
Wanneer de duisternis van de wereld overweldigend is, onvermijdelijk, verpletterend, wanneer wezens zoals Celeste, die van het leven houden en zingen over liefde, veranderd worden in vlees en handtassen over heel de wereld, miljoenen per dag, wanneer de pijn om van hen te houden ondraaglijk lijkt, dan is het antwoord NIET om te stoppen met liefhebben, NIET om te stoppen met om hen te geven, NIET om bij te dragen aan deze duisternis. Het antwoord is net om nog meer lief te hebben, dieper, omvangrijker. Om lief te hebben ondanks de duisternis en de pijn. Inderdaad: om lief te hebben om wille van de duisternis. Om de wezens lief te hebben die het het meest nodig hebben, niet enkel degenen die we toevallig graag hebben. Om lief te hebben omdat jouw liefde echt ontzettend nodig is, niet omdat je liefhebben zelf leuk vindt. Om lief te hebben alsof er levens van afhangen. Er hangen immers levens van af!
Dit is wat het betekent om veganist te zijn. Bij elke veganistische maaltijd zorg je ervoor dat onschuldige wezens zoals Celeste kunnen behouden wat rechtmatig van hen is: hun leven, hun vrijheid, hun kans op geluk. Je weigert om een leven te nemen omdat het nu eenmaal in onze macht ligt. Dit is het enige wat het de moeite waard maakt om een nieuw jaar, of een nieuwe dag, voor te beginnen.
Hoeveel individuen zoals Celeste zouden voor mij moeten gedood worden bij Nieuwjaar als ik geen veganist was? 50, 100, of meer? Hoe wanhopig zou elk van hen aan zijn leven proberen vast te houden, tevergeefs vechtend voor zijn leven tot de laatste ademhaling? Wat zou het laatste geluid zijn dat ze zouden maken? Hoe klinkt het geluid van totale wanhoop? Hoe vaak zou het dit jaar zijn geuit, enkel en alleen voor mijn smaakpapillen? Wil ik het nieuwe jaar werkelijk op deze manier beginnen, laat staan dat ik zo 365 dagen zou willen leven?
Celeste verliet deze wereld helemaal alleen. Ze werd gedwongen te bestaan door menselijke gulzigheid, ze was haar hele korte leven gevangen in een kreupel lichaam, maar ze verliet het leven onder haar eigen voorwaarden, net voor de middag, op een zomerdag.
Celeste, waar je ook bent, ‘Il y a longtemps que je t'aime, jamais je ne t'oublierai.’ ‘Ik hou al zo lang van je, ik zal je nooit vergeten’. Het zal weer een levendig jaar worden. Misschien niet vrolijk, misschien niet gemakkelijk, maar mooi en puur – zoals jouw leven. De moeite waard om te leven. De moeite waard om opnieuw te beginnen.
Joanna Lucas
© 2007 Joanna Lucas
03-11-07
De meest geweldadige sport ter wereld.
Het is waarschijnlijk de meest gewelddadige sport ter wereld; Beer-hondgevechten. De tanden en nagels van de beer worden verwijderd, hij wordt aan een paal vastgebonden en opgehitst tegen een een vechthond.

Beide dieren houden er ernstige verwondingen aan over of overlijden.
Hoewel deze gevechten in Pakistan verboden zijn, vinden ze op kleinere schaal in het gehele land plaats. WSPA zet zich continu in om hier een einde aan te maken.
- In 2001 voerde de Pakistaanse President Musharraf een wet in die hond-beergevechten verbood.
- Het aantal berengevechten nam hierdoor drastisch af.
- Door samen te werken met de Pakistaanse Wildlife Society en lokale autoriteiten, werden vorige maand nog vier illegale hond-beergevechten in de provincie Punjan verhinderd.
- WSPA heeft het Kund-berenreservaat in Pakistan gebouwd, waar de beren die zijn gered een leven kunnen hebben omdat ze niet meer in het wild kunnen leven.
- Ervaren inspecteurs van WSPA sporen continu illegale honden- en berengevechten op zodat ze voorkomen kunnen worden.
Copyright: http://wspa.nl/
09:13
Gepost door Lost
in Algemeen |
Permalink
| Commentaren (5)
| Email dit
| Tags: wspa, hondengevechten, berengevechten, honden-berengevechten |
Facebook
|
02-11-07
Rainbow bridge.
Wanneer ik dit daarstraks las, na enkele jaren teruggevonden, kwamen de tranen terug in mijn ogen. Ik had dit verhaaltje enkele jaren terug gevonden op het net en in die tijd verloor ik mijn hond. Alles komt nu terug.
Spijtig dat het in het engels is, maar in ieder geval de moeite waard om te lezen, echt waar.

Just this side of heaven is a place called Rainbow Bridge.
When an animal dies that has been especially close to someone here, that pet goes to Rainbow Bridge. There are meadows and hills for all of our special friends so they can run and play together. There is plenty of food, water and sunshine, and our friends are warm and comfortable. All the animals who had been ill and old are restored to health and vigor. Those who were hurt or maimed are made whole and strong again, just as we remember them in our dreams of days and times gone by. The animals are happy and content, except for one small thing; they each miss someone very special to them, who had to be left behind.
They all run and play together, but the day comes when one suddenly stops and looks into the distance. His bright eyes are intent. His eager body quivers. Suddenly he begins to run from the group, flying over the green grass, his legs carrying him faster and faster.
You have been spotted, and when you and your special friend finally meet, you cling together in joyous reunion, never to be parted again. The happy kisses rain upon your face; your hands again caress the beloved head, and you look once more into the trusting eyes of your pet, so long gone from your life but never absent from your heart.
Then you cross Rainbow Bridge together.
18:28
Gepost door Lost
in Algemeen |
Permalink
| Commentaren (1)
| Email dit
| Tags: rainbow bridge |
Facebook
|
Jij ook?
18:16
Gepost door Lost
in Algemeen |
Permalink
| Commentaren (0)
| Email dit
|
Facebook
|





